Nieuws

VMBO-Maastricht-2018, Inholland-2010 en Ibn Ghaldoun-2013

Een fiasco is een kans om het de volgende beter te doen
(Henry Ford, 1863-1947)


Dit artikel is geschreven op dinsdag 26 juni 2018. Bepaalde feiten die bekend zijn, terwijl u dit leest, waren toen nog niet bekend.

Op vrijdagmiddag 22 juni 2018 om 17:31 verschijnt een bericht van 1Limburg in mijn mailbox (geplaatst om 16:05) met als titel ‘354 examens vmbo Maastricht afgekeurd door foute toetsing’. Om 17:12 plaatst 1Limburg op haar website: ‘Ministerie opent infonummer gedupeerden examenblunder’. Twee gedachten schoten door mijn hoofd: ‘de toetsorganisatie dus niet op orde’ en ‘Inholland-2010 en Ibn Ghaldoun-2013’.
 

Leerlingen, ouders, de minister en anderen in shock
Het is lastig te oordelen op basis van alleen berichten uit de media, maar in ieder geval lijkt duidelijk dat cijfers die er hadden moeten staan, er niet allemaal staan. 354 leerlingen die klaar dachten te zijn voor een van de grootste stappen in hun leven, namelijk beginnen aan een beroeps- of een vervolgopleiding, zijn samen met hun ouders/verzorgers, de minister en vele anderen diep geraakt en geschokt over de inmiddels landelijk bekende situatie bij het eindexamen op het vmbo Maastricht.


Slagen voor het eindexamen is een samenstel van schoolexamens, centrale examens en andere voorwaarden. Het eindcijfer van een vak is voor veel vakken gebaseerd op het gemiddelde van de cijfers op schoolexamen en het centrale examen. Daarnaast moet binnen het vmbo de rekentoets zijn gemaakt en zo gelden nog enkele eisen. Voor een examen zoals Nederlands toetst het centraal examen de leesvaardigheid en het schoolexamen de schrijf- en luistervaardigheid. Kunnen slagen ligt dus nogal complex en de situatie per leerling ontrafelen is de enige manier om de precieze situatie binnen het vmbo Maastricht in kaart te brengen. Maar dat het cijfer 8 wordt toegekend aan een leerling die het vak 2D- en 3D-vormgeving nooit heeft gevolgd (NOS, zaterdag 23 juni 2018, 21:34), ruikt zelfs naar fraude. Dat volgens verschillende media cijfers slecht of zelfs niet werden geadministreerd, vakken niet of half werden gegeven en cijfers niet konden worden toegekend, maar wel werden gegeven is ronduit schokkend.


Duivels dilemma voor de minister
Een leerling mag ervan uitgaan dat voor de start van de centrale examens de lijst met de cijfers voor de schoolexamens en andere bevindingen over noodzakelijk te leveren prestaties, kloppen. Een leerling mag ook aannemen dat hij gerechtigd is deel te nemen aan de centrale examens zodra de school hem dat toestaat. De school is hier immers de deskundige. Over hoe het zit met vakken waarvoor geen cijfer of een onterecht cijfer is gegeven zal de komende dagen meer duidelijkheid komen. Dat leerlingen een examen over moeten maken door een fout van een school komt vaker voor. Denk aan verkeerd uitgedeelde examens en errata die ontbreken. De situatie bij het vmbo Maastricht is uitzonderlijk. Dat leerlingen vakken niet aantoonbaar hebben behaald, leidt ertoe dat het niveau van de prestatie op de opleiding als geheel niet kan worden geborgd, ondanks voldoendes op de centraal schriftelijke vakken. Het diploma heeft dan niet de waarde die het zou moeten hebben. Dat leerlingen vinden dat de voldoende cijfers, behaald voor de centrale examens moeten blijven staan, is begrijpelijk. Ze hebben immers aangetoond over een voldoende niveau te beschikken voor die centrale examens. De minister staat een hardheidsclausule open, waarmee hij kan afwijken van wetgeving als burgers ergens onredelijk door worden benadeeld. Maar om een beslissing te nemen in dit duivelse dilemma zal eerst duidelijk moeten zijn wat de exacte situatie is.


Toetsorganisatie
De in de toetswereld bekende kwaliteitspiramide voor toetsen en beoordelen van Joosten-ten Brinke (2011) en Sluijsmans, Peeters, Jakobs en Wijzen (2012) wordt de toetsorganisatie gezien als een van de zes lagen van de piramide die noodzakelijk is om toetskwaliteit te leveren. Volgens Van Deursen en Van Zijl (2015) wordt onder toetsorganisatie verstaan de wijze waarop docenten, examencommissie, toetscommissie, management en ondersteunende medewerkers doelgericht met elkaar samenwerken om de gewenste toetskwaliteit te realiseren. Kortom alle medewerkers van vmbo Maastricht gezamenlijk zijn betrokken bij de totstandkoming van toetskwaliteit. Er kan pas sprake van toetskwaliteit zijn als er toetsen zijn. Zover heeft het bij het vmbo Maastricht blijkbaar niet eens altijd kunnen komen.


Een toetsorganisatie kan niet los gezien worden van de onderwijsorganisatie. Jaspers en Van Zijl (2011) geven aan dat de volgende drie ontwerpeisen noodzakelijk zijn om de kwaliteit van toetsing en examinering te borgen:

  1. consistente visie op leren en toetsen;
  2. een consistent toetsprogramma en onderwijsprogramma;
  3. bevorderen van het studiesucces van studenten.


Weliswaar geldt dit voor het hoger onderwijs, maar waarom zou dit niet gelden voor het vo?

Informatie uit de media geven te denken over de toetsorganisatie, over …, tja over alles eigenlijk wat in deze paragraaf wordt genoemd.


Inholland-2010 en Ibn Ghaldoun-2013
Op 10 juli 2010 bracht de Volkskrant aan het licht dat 250 studenten van de media-opleiding van Inholland te Haarlem ongeoorloofd aan een diploma zijn geholpen. Studieachterstanden werden kwijtgescholden en door het maken van een eenvoudig werkstuk werden studenten aan een diploma geholpen. De situatie met het vmbo Maastricht ligt niet zo gek ver af van Inholland-2010. De Inspectie van het Onderwijs deed onderzoek naar alternatieve afstudeertrajecten in het hbo en vanuit de Vereniging Hogescholen verscheen het rapport Vreemde ogen dwingen (2012). In 2013 kwam de Expertgroep BKE/SKE (Basis-/SeniorKwalificatie Examinering) met het rapport ‘Verantwoord toetsen en beslissen in het hoger beroepsonderwijs’ met leeruitkomsten die beschrijven over welke toetsbekwaamheden docenten in het hbo moeten beschikken. Inholland-2010 was een steen in de vijver die de toetsing in het hbo heeft doen klotsen. Het resultaat vijf jaar later  is een breed gedragen BKE- en SKE-certificering in het hbo en een enorme aandacht voor toetskwaliteit.

 

Nadat op een eenvoudige wijze vo-examens konden worden ontvreemd en gedeeld via leerlingen van het inmiddels failliete Ibn Ghaldoun in 2013, werd duidelijk hoe kwetsbaar een examenproces kan zijn. Ook toen zorgde die steen in de veiligheidsvijver voor veel reuring en maatschappelijke onrust.


Een BKE voor het vo?
Op 25 juni 2018, drie dagen (!) na vmbo-Maastricht nam de VO-raad het initiatief tot onafhankelijk onderzoek naar de kwaliteit van schoolexamens binnen het vo. Niet uit te sluiten is dat de Inspectie zoiets ook gaat doen, net zoals in 2010 Inholland daar aanleiding voor gaf. Bij het vmbo Maastricht zal zeker worden gekeken naar het geven van cijfers voor niet gegeven of niet gevolgde vakken (gewoon fraude dan!), maar laat ook maar gekeken worden naar de kwaliteit van de PTA’s, repetities en SO’s die wel gegeven zijn. Als dan toch onderzoek wordt gedaan, dan maar goed. BKE is gebaseerd op de kwaliteitspiramide voor toetsen en beoordelen, niet alleen toetsen worden er beter van maar ook de toetsorganisatie.
 

Tot slot
Het is heel triest voor de leerlingen van het vmbo Maastricht, hun ouders en anderen. Niemand wil leerlingen onterecht laten slagen, maar ook niet onterecht laten zakken. De redactie van EXAMENS wenst onze minister veel wijsheid toe.
 

Inholland en Ibn Ghaldoun laten zien dat een fiasco nodig is om het een volgende keer beter te doen! Zou vmbo-Maastricht hiertoe ook een basis vormen? Goed dat de VO-raad onderzoek gaat doen naar de kwaliteit van de schoolexamens binnen het vo. Laten we hopen dat vmbo-Maastricht een uitzondering blijft.